Al snel nadat ik op mezelf ging wonen, kwamen er katten bij mij over de vloer.
De eerste was Puck, een schildpadje van de boerderij van mijn zus. Een lief poesje, die graag bij me was. Ze kreeg na een paar weken gezelschap van zwart/witte Moos. Moos was ons sphynxje.
Ze verhuisden mee, toen ik ging samenwonen. En Rambootje kwam er gezellig bij wonen.
Een heerlijk klein rood poesje.
Rambootje is nog geen eens een jaar geworden. Zowel zij, als Puck werden aangereden. Puck was toen drie. Omdat Moos uiteindelijk alleen over bleef, zijn we op zoek gegaan naar een kitten. Dat werd onze Gompie. Toen een klein hummeltje, inmiddels bijna 15 jaar later is hij groot én zwaar! (maar nog altijd lief!)
Omdat Moos een scheurtje in haar middenrif opgelopen had door ook al een ongeluk met een auto, haalden we er nog een speelkameraadje bij. Moos kon namelijk niet zo erg meer spelen, hoewel ze ook nog maar jong was. Uiteindelijk is ze dan ook gestikt. Toen was ze 5. Maar daarvoor deed asielzwervertje Koko haar intrede. Schuw, maar toch wel aandacht vragend.
Hier liggen Gompie en Koko bij elkaar. Na een verhuizing (en inmiddels alweer een paar jaar getrouwd) kwamen Muis en zijn broertje Dikkie bij ons.
Hier Dikkie, een zwart katertje en hieronder onze kleine Muis.
Ook Dikkie en Koko zijn slachtoffers geworden van aanrijdingen. Dikkie was pas een jaar en Koko is tien geworden. Gelukkig zitten mijn katten nu veilig in een ruime ren. Want het is vreselijk om afscheid te moeten nemen van zulke dierbare wezentjes.
De foto's zijn misschien niet allemaal even duidelijk, maar ik wilde ze toch even laten zien.
|